Nederlands  Français  Espanol  Deutsch  English 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 





Passievruchten

Oorsprong / herkomst

De meeste soorten passievruchten komen uit de tropische gebieden van Midden en Zuid-Amerika en Afrika, enkele vinden hun herkomst in Azië en in het zuiden van de Stille Oceaan. Belangrijke teeltgebieden zijn o.a.: Zuid-Amerika, Australië, Nieuw-Zeeland, Zuid-Afrika, Kenia, Senegal, Kameroen, Ivoorkust, Californië, Hawaï, Madagascar.

Beschrijving:

De passievruchtbloem omvat meer dan 400 soorten. Ze ontwikkelt zeer mooie bloemen waarin stamper en vaten de meeste mensen doen herinneren aan het kruis en de doornenkroon van Christus. De planten zijn klimplanten en worden met hun meterlange slingers tot de lianen geteld. De vruchten verschillen, ze kunnen al naargelang de soort, groot, klein, ovaal of bijna rond zijn, en wel: groen, geel, oranje, wijnrood, purperviolet tot donkerbruin. De schil is glad en perkamentachtig en wordt met toenemende rijpheid en uitdroging eerder 'verschrompeld'. De vlezige vruchtwand wordt met toenemende rijpheid lederachtig vast. Binnenin bevinden zich ongeveer 200 smalle, zwartkleurige zaadpitten, die omgeven zijn door een sappige "Arillus" (een glibberige zadenmantel, zie ook CURUBA), die de vruchtpulp levert. Dit deel is eetbaar en heeft een hoog zuurgehalte, dat voor de verfrissende, zoetzure smaak verantwoordelijk is, en het heeft een intensief uitgesproken aroma. Passievruchten bevatten belangrijke voedingstoffen. Ze hebben onder andere een suikergehalte tussen 10 en 14%, 3 tot 6 % zuren (overwegend citroenzuur), mineralen zoals: kalium, fosfor, ijzer, vitamine B1, B2, vitamine C (10-30mg%), provitamine A.
Weitere Varianten siehe nächste Seite .....